Rob van Reijswoud: ’Ik heb veel geluk gehad’

geplaatst in: Nieuws | 0

Als gemeentebestuurder beleefde VVD’er Rob van Reijswoud (45) dit jaar zijn finest hour, maar privé ging hij door een diep dal. Terwijl eind september de door hem geïnitieerde raadsbrede samenwerking in Enkhuizen werd bekroond met de installatie van een derde wethouder, lag hij in een ziekenhuisbed te herstellen van een zwaar motorongeluk. Toch sluit hij 2018 met een tamelijk goed gevoel af. ,,Want het afgelopen jaar heeft me ook veel gebracht.’’

Bij de trapopgang van zijn portiekwoning aan de Timmerwerf hangt een zelfgeknutseld straatnaambordje: ’Rustig aan komt goedlaan’. ,,Dat zegt m’n buurman altijd’’, vertelt Rob, al is de uitspraak op dit moment ook op hemzelf van toepassing. ,,Het gaat langzaam maar zeker steeds beter’’, zegt hij. Hij voegt de daad bij het woord door zelf een stuk kerstkrans af te snijden, iets dat hem een maand geleden absoluut nog niet gelukt zou zijn met zijn kapotte linkerschouder en rechteronderarm.

Het was een turbulent jaar voor de geboren Alkmaarder, in het dagelijks leven werkzaam als directeur en eerste locosecretaris bij de gemeente Lelystad. In 2007 kwam Van Reijswoud in Enkhuizen wonen, waar hij zich in 2013 aansloot bij de lokale VVD-fractie.

Geen haar beter

Daarbij viel hem in het begin al meteen iets op. ,,Het wij-zij-denken in de gemeenteraad van Enkhuizen. Oftewel: als zij een goed idee hebben, dan zijn wij het er niet mee eens, want het is ons idee niet.’’ Toen hij in 2014 zelf in de raad belandde, was hij zelf aanvankelijk geen haar beter. ,,Zo heb ik in een vergadering een keer wethouder Gerrit Wijnne behoorlijk stevig aangepakt, terwijl dat eigenlijk best een goede bestuurder was. Gewoon omdat ik vond dat ik hem even de maat moest nemen. Pas later dacht ik: wat draagt dat onderlinge gekissebis nou eigenlijk bij aan het mooier maken van Enkhuizen?’’

Loslaten

Nadat in maart 2017 het toenmalige college viel, trad een onafhankelijk zakencollege aan om tot de verkiezingen in maart 2018 op de winkel te passen. Opeens zag Van Reijswoud dat het ook anders kon. ,,De stad moest gewoon bestuurd worden en het was een hele opluchting dat we het onderlinge gezeur eens konden loslaten. Die lijn wilden we als VVD ook na de verkiezingen graag vasthouden.’’

De verkiezingsuitslag speelde Van Reijswoud in de kaart. De SP probeerde als grootste partij nog wel een traditionele coalitie te formeren, maar dat bleek in de versplinterde raad van Enkhuizen onbegonnen werk. Vervolgens mocht de VVD het stokje overnemen en zo werd Van Reijswoud de architect van een compleet nieuw bestuursmodel in Enkhuizen: dat van de raadsbrede samenwerking, waarin alle partijen bijdragen aan een gezamenlijk raadsprogramma, uitgevoerd door deskundige en onafhankelijke wethouders.

Toch is Van Reijswoud zelf de eerste om zijn rol te nuanceren. ,,Als ik al op bepaalde punten het voortouw heb genomen, dan is dat vanuit mijn achtergrond als bestuurskundige. Je moet loslaten dat je jouw idee wilt invoeren, het moest immers het idee van de hele raad worden. En dat is gelukt, al heeft het best even geduurd voordat iedereen zover was.’’

Ondertussen werd Enkhuizen in de landelijke media afgeschilderd als het sloomste jongetje van de klas, dat na ruim drie maanden nog altijd geen gemeentebestuur had. ,,Alsof het een wedstrijdje was’’, schampert Van Reijswoud. ,,Maar een gemeente besturen is wel even wat serieuzer dan dat. Bovendien hadden we met onze twee zittende wethouders Erik Struijlaart en Dorus Luyckx wél een prima functionerend college. Het was alleen nog niet compleet.’’

Want behalve een derde wethouder moest er ook een nieuwe burgemeester komen. Ook daar was Van Reijswoud druk mee, als voorzitter van de vertrouwenscommissie die de gesprekken met de kandidaten voerde. Maar in september leek alles dan toch eindelijk in kannen en kruiken en kon hij heel even een adempauze inlassen. ,,Ik zou lekker een lang weekend gaan motorrijden in de Yorkshire Dales in Engeland. Alleen ben ik daar dus nooit aangekomen.’’

Gruwelijk mis

Op de A4 bij de afslag Leiderdorp ging het op donderdag 20 september gruwelijk mis. Met zijn BMW R1200 GS klapte hij met 100 kilometer per uur bovenop een bestelbusje. ,,De chauffeur remde opeens en ik zat er iets te kort op. Op dat moment gaat er maar één ding door je heen: dit was het dan! Totdat je je ogen weer opendoet en je op het asfalt ligt. Toen bleek dat ik ontzettend veel geluk heb gehad. Ik heb een vrij hoge motor en ben met mijn hoofd door de achterruit van dat busje gegaan. Mijn linkerschouder heeft daardoor grotendeels de klap opgevangen. Wanneer ik op een lagere motor had gereden of als het een busje zonder achterruit was geweest, had ik hier nu waarschijnlijk niet gezeten.’’

Toch was de schade groot, met een rechterarm en een linkerschouder die op meerdere plekken gebroken waren. Tijdens twee zware operaties in het Westeinde Ziekenhuis in Den Haag werd alles met schroeven en platen weer zo goed mogelijk aan elkaar gezet en begon de lijdensweg pas echt. ,,Het meest confronterende was dat ik gevoerd moest worden en dat mijn kont afgeveegd moest worden, omdat ik mijn beide armen niet kon gebruiken.’’

Knokken

En dus wilde hij zo snel mogelijk gaan revalideren. Al begin oktober verkaste hij naar Reade in Amsterdam, waar hij tweeënhalve maand keihard werkte aan zijn herstel. ,,Dat heeft me ontzettend geholpen. Als ik even geen zin had, hoefde ik alleen maar even om me heen te kijken en zag ik andere mensen knokken om beter te worden. Het hielp me ook relativeren, want sommigen waren er veel erger aan toe dan ik. Ook voor mijn vriendin Elise was het allemaal behoorlijk zwaar, ik hoefde alleen maar beter te worden maar zij moest ondertussen van alles regelen.’’

Vlak voor de kerstdagen mocht hij weer naar huis. Hoewel de weg naar volledig herstel nog lang en zonder garanties is, telt Van Reijswoud vooral zijn zegeningen. ,,Je kunt wel kijken naar wat je bent kwijtgeraakt, maar het afgelopen jaar heeft me ook veel gebracht. Ik heb bestuurlijk veel geleerd en door het ongeluk ben ik heel veel dingen anders gaan bekijken. Zelf weer je veters kunnen vastmaken is toch een stuk belangrijker dan een mooie auto voor de deur.’’

Bron: NHD